Gambia 2026
"Slechts zes uur vliegen van de winterse kou, bevindt zich Gambia. Het is een land in Afrika dat bestaat uit een tamelijk smalle oost-west-strook langs de rivier de Gambia. Gambia is 327 kilometer lang en slechts enige tientallen kilometers breed. Zo is Gambia het kleinste land van het Afrikaanse vasteland. Langs de rivier Gambia zijn veel mangrovebomen die wel 25 meter hoog kunnen worden. Ook de baobab, bamboe en de kapokboom komen er veel voor. Ondanks zijn kleine omvang kent Gambia een opmerkelijke verscheidenheid aan wilde dieren. Het land is een paradijs voor vogelaars, met meer dan 560 vogelsoorten, waaronder diverse soorten IJsvogels, Bijeneters en diverse Roofvogels. Hier het reisverslag van de reis die we begin januari 2026 hebben gemaakt;
Dag 1, 7 januari 2026
Het was wel een spannend vertrek. De afgelopen dagen waren er zoveel vluchten gecanceld vanwege het slechte weer (Sneeuw en ijzel). Deze dag zou onze vlucht om 7.30 vertrekken. Op het vertrekbord waren de meeste vluchten gecanceld (die dag 600 vluchten). Maar onze vlucht ging gelukkig wel gewoon door (slechts half uur vertraging). Na een vlucht van 5,5 uur kwamen we aan in Banjul. Bij de douane konden we meteen 20 euro pp betalen voor de lokale beveiliging(?). Op het vliegveld is iedereen al erg behulpzaam om je koffer naar de bus te brengen. Rond 14.00 uur kwamen we aan in ons hotel (Senegambia Beach Hotel).
Nadat we ons gesetteld hadden hebben we meteen een wandeling in het hotelpark gemaakt. De Breedbekscharrelaars vlogen er rond, terwijl de Geelsnavelklauwieren zich tegoed deden aan de sprinkhanen in het gras. Vele Geelsnavelwouwen en Gieren vlogen er rond (deze worden er dagelijks gevoerd).
Dag 2, 8 januari 2026
Na een goed ontbijt in het hotel zijn we naar de gierenvoederplaats gegaan Hier worden dagelijks om 11.30 de Kapgieren en Geelsnavelwouwen gevoerd. Al voordat het voeren begint verzamelen vele Kapgieren en Geelsnavelwouwen rondom het grasveld. Een mooi gezicht. Na het voeren nemen sommige Kapgieren er een waterbad alvorens ze gaan uitbuiken op het grasveld.
Na deze show was ons plan om via het strand naar Kotu lopen. Een wandeling van een 3 kwartier waar je wel diverse keren aangesproken wordt door lokale fruitverkopers. We wuifden ze af omdat we lekker door wilde lopen. Op zee vlogen af en toe Aalscholvers, Reuzensterns en een Middelste Jager langs. Op het strand zaten Witnekraven te foerageren.
Bij een strandtent hebben we nog geluncht en zijn we naar het oude “cycle-pad” gelopen. Dit is een wat ouder fietspad richting Kotu-bridge. Bij een weisland met paarden zat een groep Picapica’s en in een boom een vorkstaartdrongo. Het gebied waar we doorheen liepen is een oud landbouwgebied met wat rijstveldjes. Lokale boeren waren er vooral bezig om het lange gras te oogsten. Diverse reigersoorten zaten en vlogen er rond; Koereiger, Ralreiger, Blauwe Reiger, Zwartkopreiger.
Wat verderop kwamen we al een eerst vogelgids tegen. Bij de brug is een kantoortje van de plaatselijke vogelaars waar gidsen in te huren zijn. De vogelgids wilde ons wel soorten laten zien. Na wat aandringen hebben we een kleine wandeling met hem gemaakt. Ik wilde graag de Senegalijsvogel zien die hij wel wist te zitten. Maar eerst naar de plaatst voor de Goudsnip. Deze plek is te bereiken door een klein wandelpaadje over een wankel blauw brugje en vervolgens over autobanden naar een vogel hut. Helaas stond het water nu te hoog en waren de snippen verborgen in het mangrovebos.
Op de terugweg vonden we gelukkig wel de Senegalijsvogel. De Senegalijsvogel lijkt veel op de Teugelijsvogel maar is wat valer en heeft zwarte poten t.o.v. de rode poten van de Teugelijsvogel. Verderop zagen we nog de Bonte IJsvogel en de Kleine Groene Bijeneter. Richting de brug lopend was aan de linkerkant een wat verouderd hotelcomplex. Hier wist de gids de Geparelde Dwerguil te zitten. Na wat fluiten riep deze terug en kregen we de uil zelfs in een palm te zien.
Na wat foto’s zijn we verder de brug over gelopen om in Kotu wat te gaan drinken. Hier kwamen we zelfs nog bekenden uit Uden tegen die een drankje meededen. In het donker zijn we met een lokale taxi (300 Dalasi) teruggegaan naar ons hotel.
Dag 3, 9 januari 2026
Vandaag wilden we lekker genieten van het mooie weer en bleven we bij het hotel. Natuurlijk heb ik nog diverse keren in het hotelpark rondgelopen. In het park kun je al wel vele soorten tegenkomen. Aanrader als je voor het eerst in Gambia bent, loop hier een dagje rond en je ziet al een 50-tal vogelsoorten.
Een kat die een grote struik inklom veroorzaakte paniek onder de vogels. Diverse vogels lieten zich nu wel zien en alarmeerde voor deze kat. In de verte hoorde ik nog een Bladkoning roepen, wel bijzonder voor hier. Een vogelgids die er de gieren had gevoerd vertelde me dat er zojuist een Blauwkeelneushoornvogel was gezien. De vogel zat wat verderop in een palmboom. Deze Blauwkeelneushoornvogel zit al blijkbaar 6 jaar in Gambia en zwerft rond vanaf Banjul tot aan Tanji. Of dit nu een escape is of een dwaalgast is me nog onduidelijk.
Na dit moois zijn we met de auto nog zuidwaarts gereden en kwamen we op het einde van de weg naar Kartong uit. Hier lagen enkele bootjes klaar om de rivier op de grens met Senegal op te gaan. We konden meteen in een boot stappen en voeren uit richting de zee. Vanuit de boot heb je een mooi laag standpunt om de vogels op de zandplaten te zien. Een groep meeuwen en Sterns zaten tussen de Pelikanen.
De volgende meeuwen/sternen hebben we er gezien; Grijskopmeeuw, Dunbekmeeuw, Audiouns Meeuw, Kleine Mantelmeeuw, Reuzenstern, Koningsstern en Grote Stern. Wat verderop zaten Groenpootruiters, Oeverlopers met langs vliegende IJsvogels (Bonte IJsvogel en Malachiet IJsvogel). Het aantal Visarenden viel hier wel op, op diverse struiken/bomen zaten ze. Aan de kust op een zandbank zaten ook nog grote groepen Kleine Mantelmeeuwen en een enkele Kelpmeeuw. Op de route terug kregen we nog mooi zicht op de grootste reigersoort, de Reuzenreiger. Een overvliegende Afrikaanse Zeearend gaf ook nog een show weg, en vloog mooi boven de boot.
Na deze boottocht reden we terug via Kartong richting de kust. Bij een provisorisch tentje hebben we kokosmelk en jus d’orange gedronken. Van hieruit hebben we een stuk over het strand gelopen. Op zoek naar de Vale Strandplevier die we helaas niet gevonden hadden. Grote groepen Drieteenstrandlopers, Steenlopers en Regenwulpen zaten er wel. Ook het aantal Visarenden viel hier op, we telden er wel 10 waarvan enkele geringd (helaas niet af te lezen). Een Ossenpikker was volop insecten aan het vangen op de aanwezige koeien, terwijl Groene Bijeneters om ons heen vlogen. Helaas is het strand er bezaaid met rommel van vissers. Vele netten en plastic vervuilde het strand. De gids vertelde ons dat ze dit zelfs jaarlijks schoonmaken.
Op de terugweg zijn we nog even bij een waterplas bij Tanji wezen kijken. Hier zat een mooie Goudkapfiscaal in de struiken. De Grijskopmeeuwen en Reuzensterns hadden zich al tegoed gedaan aan de visresten in Tanji.
Terugkomend bij het hotel hebben we er nog even rondgewandeld en leuke foto’s gemaakt.
Dag 5, 11 januari 2026
Deze dag wilden we het wat rustig aan doen. Zelf wilde ik toch nog even naar Kotu om er zelf rond te wandelen. Een taxi rit met onze eerdere taxichauffeur van 30 minuten kostte slechts 300 Dalasi. Daar aangekomen werd ik natuurlijk meten begeleidt door een gids die me wel wilde rondleiden. Hier had ik even geen behoefte aan en wilde er zelf rondlopen. Vanuit de brug ben ik eerst naar het oude fietspad gelopen. Bij een paadje naar een blauwe bruggetje liep ik richting de kijkhut waar ik eerder was gezien. Nu stond het water gelukkig wat lager waardoor de Goudsnippen wel mooi te zien waren. Een Bosruiter liep er ook nog rond, terwijl de Grote Textorwevers voor de hut bezig waren om nesten te bouwen.
Terug bij het fietspad kijk je prachtig uit over de oude rijstvelden. Je kunt hier wel een dag vertoeven en vele foto’s’ maken. Naast diverse duivensoorten zag ik er een groepje Witsnavelbuffelwevers, Geelsnavelklauwieren, Halsbandparkieten en prachtig de Blauwbuikscharrelaar. Terugkomend bij de brug ben ik een klein zandpaadje ingelopen langs een gierenvoederplek op. Een Teugelijsvogel zat op korte afstand op een tak te kijken. Wat verderop was een groepje Dwergbijeneters actief. Uiteindelijk wilde ik nog naar de waterbekkens toe. Naast deze bekkens was helaas een vlakte gekapt en nu een vuilstort geworden. Het zoete water trekt wel weer veel vogels aan, zoals vele Koereigers, enkele Ralreigers, Bosruiters en Zwartkopkievitten. Een Nijlvaraan zwom het water over. Een koppeltje Dodaars was er ook nog aanwezig.
Uiteindelijk ben ik weer richting de brug gelopen. Hier nog mooi de Malachietijsvogel kunnen zien en Lelkievitten met Senegalese Grielen. Aan de andere zijde van de brug zat een Hamerkop te wachten om op de foto te kunnen. De gids liet me ook nog de Senegalijsvogel zien.
Rond de middag heb ik de taxi weer gepakt en ben ‘s middags lekker aan het zwembad gaan liggen.
Dag 6, 12 januari 2026
Na wederom een goed ontbijtbuffet in ons hotel besloten we om naar het “monkey-park” te gaan. Aan gezien dit dichtbij ons hotel was gingen we hier lopend naartoe. Natuurlijk wilde enkele Gambianen ons wel erheen brengen, maar we hadden google-maps dus geen gids nodig. Voordat je bij het park aankomt kom je voorbij een gigantisch groot gebouw. Dit is een groot conferentiegebouw (blijkbaar geïnvesteerd door Chinezen). Het gebouw was blijkbaar nog te klein omdat ze het nu weer aan het uitbreiden waren. Bij de entree van het park moesten we entreekaarten kopen (300 Dalasi pp). Fruit en nootjes hebben we er geweigerd. Het is een redelijk toeristisch bos wat wel mooi is om doorheen te wandelen. Natuurlijk zaten er vele apen die er gevoerd werden. Groepen apen (Groene Meerkatten en Rode Franjeapen) zaten op diverse plekken. Helaas werden ze veel gevoerd en gelokt om op schouders van toeristen te gaan zitten voor de foto.
In het bos zelf waren er naast de apen weinig vogelsoorten (Roodoogtortels, Bonte Tok) te zien, zodat we richting zee zijn gaan lopen. Enkele Kleine Groene Bijeneters vlogen er rond, verder was het er rustig. Via het strand zijn we naar ons hotel gegaan. In het hotelpark heb ik er nog wat rondgelopen en gefotografeerd. De Blauwkeelneushoornvogel liet zich ook weer vandaag in het hotelpark zien en op de foto zetten.
Dag 7, 13 januari 2026
Deze ochtend hadden we met een gids afgesproken voor een boottocht in de kreek van Kotu. Met onze gebruikelijke taxi zijn we rond 8.30 vertrokken richting Kotu brug. Voordat we bij de brug aankwamen zat al erg mooi een Vorkstaartdrongo in het zonnetje. Op de draad bij de brug zat ook fraai een Reuzenijsvogel. Deze dook hier regelmatig het water in voor vis, echter zonder resultaat. Wat verderop zat ook nog een Reuzenreiger in de struiken. Naast deze Reuzenreiger zagen we rondom de brug in totaal 7 reigersoorten; Rifreiger, Zwarte Reiger, Blauwe Reiger, Grote Zilverreiger, Koereiger en Mangrovereiger.
Onze gids kwam al naar ons toelopen en de boot stond al klaar voor ons. Het was een wat wankel houten bootje, maar het water was er niet diep vertelde hij ons. Met een rustige vaart vertrokken we, IJsvogels vlogen om ons heen (Malachiet IJsvogel, Bonte IJsvogel en Reuzen IJsvogel). Aan de kant zagen we de gebruikelijke soorten (Senegaalse Griel, Lelkievit, Kleine Plevier, Groenpootruiter). Wat verderop zat een Afrikaanse Dwergaalscholver samen met een Slangenhalsvogel in een struik. Wat een verschil van grootte van deze 2 soorten. Vele foto’s zijn gemaakt tijdens deze 2 uur durende boottocht.
Na deze boottocht zijn we via het fietspad naar het strand gelopen. Van hieruit door de branding (minder verkopers) naar ons hotel waar we weer lekker genoten van het zwembad.
Dag 8, 14 januari 2026
Aan de vogelgids Baba had ik aangegeven dat ik nog wel 2 wenssoorten had (Karmijnrode Bijeneter en de Gestreepte IJsvogel). Hij gaf me aan dat deze wel wat moeilijker waren maar niet onmogelijk. Vandaar dat we voor deze dag een afspraak hadden, hij haalde me (met chauffeur) om 9.00 uur op. Het was wel een stuk naar het zuiden rijden. Bij Tujereng zijn we westelijk richting de zee gereden. Al vrij snel zijn we even gestopt. Baba had wat in een Baobab boom gezien. Hier zat niet 1 maar 4 Violet Toerako ’s in een boom. Een Hagedisbuizerd kwam al jagend voorbij en ging verderop in een boom zitten.
Wat verderop het zandpad stopten we om richting het strand te lopen. Hier foerageerde 2 Hoppen op de grond. Maar wat verder zat een mooi groepje Roodbuikglansspreeuwen en een Kuifleeuwerik.
Na wat foto’s gemaakt te hebben zijn we wat verder door gelopen. Hier was een kleinschalig landbouwgebied omringd met struiken. Een Roodkopklauwier vloog voor ons weg. In dit gebied hebben we nog diverse andere soorten gezien; Scharrelaar, Roodgele en ZwartbandBaardvogel en Grijze Torenvalk. Een Nachtegaal was er zelfs aan het zingen en dat in zijn overwinteringsgebied. Baba liet het geluid van de Gestreepte IJsvogel horen en jawel deze riep terug. Deze zat wat verder onder in een boom te roepen. Bijzondere plek voor een IJsvogel, dit droge gebied. De Gestreepte IJsvogel en ook de Senegalijsvogel zijn gespecialiseerd in insecten i.p.v. vissen. Mijn eerste doelsoort voor deze dag was binnen (7e IJsvogel in Gambia).
Het volgende doel was de Karmijnrode Bijeneter (die volgens andere gidsen alleen in het binnenland mogelijk is). We reden zuidelijker richting Bunjur. Hier zijn we voor de bebouwing naar rechts afgeslagen een zandpad in. Dit pad was wat smal met grote diep waterplassen. Gelukkig kon onze chauffeur hier goed mee omgaan en reed verderop een nog smaller bospad in. Dit werd steeds smaller en uiteindelijk konden we niet verder en moesten we een stuk lopen. Komend uit het bos kwamen we bij een oude zandafgraving uit.
Leuke soorten die we direct zagen waren enkele Ossenpikkers op de koeien, Groene Bijeneters in de lucht en Lelielopers bij het water. In een Baobab ver weg zag ik een rode vlek. Meteen een foto van gemaakt en ingezoomd en jawel hoor, het was de gehoopte Karmijnrode Bijeneter. We zijn wat verder door gelopen om deze wat beter te kunnen zien. Een groepje van 4 karmijnrode Bijeneters en 6 Groene Bijeneters lieten zich prachtig zien en ook op de foto zetten.
Met een tevreden gevoel zijn we weer richting het hotel gegaan en kwamen er rond 13.30 aan.
Dag 9, 15 januari 2026
Met Baba had ik afgesproken om vandaag met 4en op pad te gaan. Vrienden Jos en Rianne waren gisteren in Gambia aangekomen en we hadden afgesproken een dag samen op pad gaan. Om 9.00 uur zou Baba met chauffeur klaar staan. Hij gaf me eerder aan alleen met goede auto’s en chauffeurs te gidsen. Nu stond hij met een erg oude Renault Espace op ons te wachten. Het voordeel was dat van deze auto het motorlampje niet brandde. Niets van het display werkte bij deze auto. Daardoor moesten we wel al meteen tanken (benzinemeter werkte ook niet).
Ons eerste doel was Pirang forest. Bij het bos aangekomen betaalde Baba de plaatselijke gids. Er was een kleine waterplek met fotohut gemaakt waar we al wat leuke soorten konden zien en fotograferen. Helaas zaten 2 Papagaaiduiven hoog in de boom waardoor ze niet mooi zichtbaar waren.
p een zonnige stukken vlogen diverse soorten vlinders rond. Wat verder zijn we het bospad ingelopen en hoorden we een groep apen. Dit bleken Bavianen te zijn die nog mooi te zien waren. Ook een Dwergijsvogel vloog er rond. De plaatselijke gids liep ons verder voor en stopte bij wat grote bomen. En jawel hier zat een Verreaux Oehoe te roesten in een boom.
Na al dit moois hadden we afgesproken te gaan lunchen op een bijzondere locatie; “Baobab Island”. Hiervoor werden we bij een steiger met een boot opgehaald om ernaartoe te kunnen. Op dit eisland (waar je ook kunt overnachten) staan zoals de naam ook zegt enorme Baobab bomen. In een boom hingen enkel bijenraten waar de bijen nog volop mee bezig waren. Onder een grote overkapping werden we getrakteerd op een lekkere lunch botervis met rijst.
Baba onze gids riep dat we weer verder moesten want onze boot zou vertrekken. We gingen nu naar de volgende plek; Farasuto Forest. Ook hier is een ingangspoort met een vogelhut waar lokale gidsen klaar zaten. Bij de vogel hut hebben we nog even gezeten en veel foto’s gemaakt. (diverse Wevers, Dwergijsvogel en Gespikkelde Groene Specht).
Om de 3e uilensoort te zien moesten we iets verderop naar een wat jonger bos. Halverwege dit bos stonden wat oudere bomen die de gids opzocht. Hier zat een koppel Grijze Oehoes te roesten. Ook deze mochten op de foto. Jaren terug had ik hier ook de Langstaartnachtzwaluw, maar deze was er blijkbaar verdwenen. Terug bij de auto zagen we nog een groep Vorkstaart Bijeneters rondvliegen.
In het Farasuto bos hebben we uiteindelijk nog een wandeling gemaakt naar een waterplas. Het is een prachtig Afrikaans bos met flinke lianen. Bij het water zaten enkele Sporenkievitten samen met Lelkievitten. Aan de overkant lag een flinke krokodil in het gras te zonnen.
Een rondcirkelende Beaudouins Slangenarend gaf als laatste nog een mooie show weg.
Na al dit moois zijn we met de auto weer naar ons hotel teruggereden waar we om 17.30 uur aankwamen.
Dag 10, 16 januari 2026
Op onze laatste hele dag wilde ik nog wat leuke soorten zien zoals de Groene Toerako. Hiervoor had ik onze vast taxichauffeur gevraagd om naar Brufut wood te gaan. Hij had al contact gehad met een lokale gids die ons wel rond wilde leiden in dit bos. Ook hier is bij de entree een vogelhut gemaakt ( waar ook gevoerd wordt en water is). De kans op een Groene Toerako was hier het grootst werd me verteld. Na een half uurtje wachten en diverse foto’s maken (o.a. Staalvlekduif, Wielewaalzanger) hoorde onze gids de Toerako roepen.
We bleven stil zitten en zagen toen de Toerako uit de struiken komen. De Toerako ging er wat water drinken alvorens deze na een paar minuten alweer verdween. Onze gids stelde voor om nu een stuk te gaan lopen. Ze wist namelijk Nachtzwaluwen te zitten. Deze Langstaartnachtzwaluwen zitten overdag op de grond en zijn als je de plek niet kent erg moeilijk te vinden. Gelukkig weten de lokale gidsen de plekken waar ze overdag vaak te vinden zijn. En jawel op 2 plaatsen hebben we ze gevonden (man en vrouw).Rond 13.00 uur hebben we de taxi teruggenomen en zijn ‘s middags bij het zwembad gebleven.
Dag 11, 17 januari 2026
Om 10.30 werden we bij ons hotel opgehaald en uitgezwaaid. De terugweg duurde deze keer wat langer omdat we een tussenstop hadden op Kaapverdië. We moesten op Kaapverdië uitstappen en wachten op nieuw vluchtpersoneel. Mijn hoop was om hier ook nog wat soorten te zien, Raven en Duiven zag ik helaas te ver weg vliegen. Maar Kaapverdische Mussen zaten in de wachtruimte op het vliegveld en wilde ook nog mooi op de foto. Na een uurtje konden we weer het vliegtuig in op weg naar het koude Nederland.
Peter van de Braak